‘Ik krijg geen energie van bakstenen, maar wel van talentontwikkeling’

“Ik ben nu bezig met een plan voor een jeugdzorginstelling, waar we ook andere organisaties aan toe willen voegen, bijvoorbeeld een kinderdagverblijf, een zorgverzekeraar of horeca. Dat soort functies kunnen de leefbaarheid enorm verhogen.”

Toekomstige flexibiliteit

“Het bestemmingsplan biedt daar geen ruimte voor; er mogen geen commerciële functies in het gebied komen. Dat is heel jammer. Wel is er ruimte gecreëerd in de bouwvlakken van het bestemmingsplan, waardoor  er meer flexibiliteit is voor mogelijke toekomstige veranderingen.”

Talentencampus

“De ontwikkeling van een talentencampus rondom het stadion van FC Oss was een mooi project. Het ging niet om de bakstenen, maar om het tot ontwikkeling brengen van talenten. Er deden veel gedreven partijen mee die de ambitie hadden om iets nieuws neer te zetten. Het ging echt om de core business van het onderwijs: de leerlingen. De kracht kwam niet van de traditionele grote partijen maar van lokale bedrijven, die zich er ook vestigen. Dat gebied gaat echt iets toevoegen. Daar krijg ik energie van.”

Leefbaarheid als uitgangspunt

“Ik zou graag meer aandacht besteden aan openbaar gebied. Leefbaarheid zit rónd een gebouw. In een woonwijk komen mensen elkaar toch ook op straat tegen en houden daar een praatje, terwijl kantoren vaak in de saaiste omgeving staan. Door leefbaarheid als uitgangspunt te formuleren bij een project, kan ik er al vroeg richting aan geven.”

“We moeten met elkaar de discussie aangaan over wat we leefbaar vinden en de durf hebben om ‘nee’ te zeggen tegen een project, bijvoorbeeld tegen de bouw van nieuwe kantoren, terwijl het elders leeg staat. Er zijn projecten waarbij ik opdrachtgevers probeer te overtuigen dat het anders kan. Als je kritisch bent en oplossingen aandraagt, dan pikt de markt dat op.”

Reageer op dit artikel